Asal Oesoel

De Indische Navorscher Online

Auteur: Asal Oesoel (Pagina 1 van 36)

‘Oma was een prinses uit de kraton’

Verbintenissen van Europese mannen met inheemse vrouwen ‘van stand’

R.G. de Neve

Download de pdf van dit artikel hier.

Inleiding

In de door het Centraal Bureau voor Genealogie uitgegeven genealogische onderzoeksgids Asal Oesoel. Indische stamboom (’s‑Gravenhage 2009)[i] en in De Indische Navorscher (2010)[ii] werd onder meer aandacht besteed aan inlandse voormoeders die in gedrukte publicaties of op internet met de titel Radèn voorkomen. Meestal is die aanduiding gebaseerd op een familieverhaal, dat niet wordt bevestigd door een betrouwbare archiefbron. Met het oog hierop is het goed over deze materie enig helderheid te verschaffen. Dit artikel wil daaraan bijdragen door een inventarisatie te bieden van wat er op dit moment bij mij bekend is over verbintenissen van Europeanen met inheemse vrouwen die zich door afkomst en/of positie van de desabevolking onderscheidden.[iii] Tevens plaats ik enkele historische kanttekeningen.

Een interessante vraag die echter buiten het kader van dit artikel valt, is wat de maatschappelijke positie was van de mannen die relaties aangingen met inheemse vrouwen ‘van stand’. Om enigszins een idee te krijgen, volgt hieronder het resultaat van een quick scan van enkele adresboeken. Op zich krijgen we hierdoor een aar­dige indruk, maar het is natuurlijk te weinig voor het trekken van verantwoorde conclusies.

Keren we na dit korte intermezzo terug naar waar het in dit artikel om gaat, dan zijn de originele huwelijks­akten de belangrijkste, want meest betrouwbare bron. En in een adem daarmee moeten natuurlijk worden genoemd de opgaven van de huwelijken in de Indische almanakken, naamregisters en adresboeken die destijds werden verstrekt door de ambtenaren van de burgerlijke stand in Nederlandsch-Indië. Huwelijksakten zijn be­trouwbaarder dan overlijdensakten omdat zij worden opgemaakt aan de hand van de gegevens die door het bruidspaar zelf werden overlegd. Daarbij moet de kanttekening worden geplaatst dat de opgave van een in­heemse adellijke titel van de bruid door de ambtenaren van de burgerlijke stand niet altijd even nauwgezet werd gecontroleerd. Dit mede omdat het systeem van de inheemse titulatuur bepaald niet tot de meest eenvoudige kost behoorde.

Meer lezen

Familiewapen Dezentje

Dezentje

Op goud een rode leeuw en een blauw schildhoofd, beladen met een stralende zon aan weerszijden vergezeld van een lelie, alles van goud. Helmteken: de lelie van het schild. Helmkleden: blauw, gevoerd van goud.

Bron: www.de-paula-lopes.nl (wapenafbeelding); Heraldische Databank van het Centraal Bureau voor Genealogie (lakzegel).

De familie Dezentje stamt af van Johan Frans Dessonjé (overl. 16 januari 1773), korporaal in V.O.C.-dienst en 25 maart 1757 tot vaandrig bevorderd. Mogelijk was hij identiek aan Jean François Teissonière (geb. Karlshafen in Hessen 20 okt. 1727), die 6 nov. 1744 als soldaat in V.O.C.-dienst a/b van het schip “Eendracht” (kamer Amsterdam) naar Nederlandsch-Indië vertrok (geregistreerd als Jean Frans Tissomje) en 8 juni 1745 op de rede van Batavia arriveerde.

Literatuur: Anoniem, ‘Fragment-genealogie Dezentjé, Tong Tong 10 (1965, nr. 19) 24-25; P.C. Bloys van Treslong Prins, ‘De Indo-Europeesche families in Nederlandsch-Indië’, Ons Nageslacht 7 (nr. 6, 1934) 165-167.

Door: Roel de Neve

KLIK OP DE TITEL VAN DIT ARTIKEL OM EEN REACTIE ACHTER TE LATEN OF OM EERDERE REACTIES TE LEZEN

Familiewapen Albinus

Albinus

Gevierendeeld: I doorsneden van blauw en zwart, B beladen met versmalde gouden dwarsbalk en over alles heen een omgewende, rood getongde zilveren leeuw, houdende in de rechtervoorpoot een zilveren zwaard met gouden gevest; II op goud een halve zwarte adelaar komende uit de deellijn; III de Friese adelaar; IV doorsneden van blauw en zwart, B beladen met versmalde gouden dwarsbalk en over alles heen een rood getongde zilveren leeuw, houdende in de rechtervoorpoot een zilveren zwaard met gouden gevest; Hartschild: in rood een staande, geharnaste man met in de rechterhand een staande hellebaard, alles zilver.

Bron: Wapenboek van het St. Bartholomeus Gasthuis te Utrecht, 1407-1814, folio 63 (digitaal te raadplegen via de website van het Koninklijk Nederlandsch Genootschap voor Geslacht- en Wapenkunde (www.knggw.nl).

N.B.: dit wapen wijkt af van het wapen dat wordt afgebeeld en beschreven in de Heraldische Databank van het Centraal Bureau voor Genealogie en dat in zwart-wit is overgenomen in de genealogie Albinus in De Indische Navorscher 28 (2015).

De Indische tak stamt af van Wilhelm Bernhard Albinus (1705-1751).

Literatuur: Roel de Neve, ‘De Indische familie Albinus. Haar eerste drie generaties en directe, uit Anhalt stammende voorgeslacht’, De Indische Navorscher 28 (2015), pag. 222-243, ald. 227-237.

Door: Roel de Neve

KLIK OP DE TITEL VAN DIT ARTIKEL OM EEN REACTIE ACHTER TE LATEN OF OM EERDERE REACTIES TE LEZEN

Pagina 1 of 36

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén