Asal Oesoel

De Indische Navorscher Online

Categorie: Column

Geleerde lessen

> KLIK OP DE TITEL VAN DIT ARTIKEL OM EEN REACTIE ACHTER TE LATEN <

Ik denk dat iedereen hier wel mee te maken heeft (gehad) wanneer hij/zij in het buitenland is voor (genealogisch) onderzoek. Of het nu gaat om archiefonderzoek of veldonderzoek; het niet of beperkt kunnen spreken van een taal kan voor behoorlijk wat vertraging zorgen én een goede voorbereiding is onontbeerlijk.

December 2014 zat ik volkomen onvoorbereid (én onverwacht) in het vliegtuig naar Indonesië met enkele woordjes Bahasa Indonesia in mijn vocabulaire (na een maandje halfslachtig een zelfcursus te hebben gevolgd). Ik wist niet waar ik aan begon. Een vakantie of alvast een begin maken met het onderzoek naar mijn familiegeschiedenis via de lijn van mijn opa?

Tana Toraja © Liselore Rugebregt

Tana Toraja © Liselore Rugebregt

Ach, jullie kunnen het natuurlijk al raden. Van dat onderzoek kwam niets terecht. In een onmenselijk tempo reisde ik met een goede vriendin van de ene kant naar de andere kant van Java, moest en zou ik naar Tana Toraja – waar de roots van mijn oma liggen – en bleef er nog een weekje over om bij te komen op Bali.

Ergens in Tana Toraja is er nog wel een poging gewaagd om op zoek te gaan naar oude familiegraven, om bij thuiskomst erachter te komen dat de moeder van oma in Makasser begraven is. Nou ja, dat gebeurt! En was deze reis naar mijn ‘roots’ dan helemaal niet nuttig geweest? Nou nee.

Ook al ben ik er niet aan toegekomen om archieven in te duiken, geboortehuizen en -gronden te vinden, graven op de foto te zetten en wat nog meer, het heeft mij alleen maar nieuwsgieriger gemaakt. Wanneer ik weer naar Indonesië ga, dan zal dit niet alleen in het teken van vakantie staan, maar ook genealogie.

Tana Toraja © Liselore Rugebregt

Tana Toraja © Liselore Rugebregt

Overigens zal ik mij voor de volgende keer wel braaf aan de 7 pijlers, zoals opgesteld door het CBG, houden:

  1. Bereid je genealogisch onderzoek goed voor.
  2. Ga kritisch om met je bronnen van informatie.
  3. Verantwoord de bron van je informatie.
  4. Bouw een solide bewijsvoering op.
  5. Respecteer privacy en persoonlijke levenssfeer.
  6. Respecteer het auteursrecht.
  7. Deel het resultaat van je genealogisch onderzoek.

Wordt vervolgd

Door: Liselore Rugebregt

> KLIK OP DE TITEL VAN DIT ARTIKEL OM EEN REACTIE ACHTER TE LATEN <

Zoektocht naar een Indisch verleden

> KLIK OP DE TITEL VAN DIT ARTIKEL OM EEN REACTIE ACHTER TE LATEN <

Ik was nog maar een kind en stel mij zo voor dat ik met grote ogen en een open mondje naar de zwart-wit foto in de handen van mijn opa keek. Op de foto zag ik een slanke Indische man in uniform met een dunne snor die aan de uiteinden omhoog krulde en een gesloten blik in de ogen met een zweem van iets, wat ik tot op de dag van vandaag niet zou kunnen omschrijven.

De man op de foto was mijn overgrootvader en het was, met de woorden van opa: ‘Een heel slechte man!’ Waarom dan? ‘Hij heeft veel mensen gedood.’ En waar was die slechte man nu dan? ‘Dood.’ Oh… Hoe dan? ‘Verdronken. Hij zat op een boot die zonk.’ In mijn kinderhoofd zag ik een beeld van een omgeslagen houten bootje op een rivier en mijn overgrootvader die – kennelijk – niet kon zwemmen en naar de bodem zonk.

Geen flauw benul had ik van Nederlands-Indië, het KNIL, oorlog en al helemaal niet van het zinken van de Junyo Maru in 1944. De foto werd opgeborgen en is inmiddels weggeraakt. Opa sprak nooit meer over zijn vader – of überhaupt veel over zijn verleden – en ik stelde geen vragen. Pas jaren na zijn dood begon het tot mij door te dringen dat ik eigenlijk niet veel over opa en zijn geschiedenis wist.

Een paar maanden geleden zag ik op de website GaHetNa.nl een database met daarin de Japanse interneringskaarten van (Indische) Nederlandse krijsgevangen tussen 1942 en 1945. Ik wist dat opa in Japan krijgsgevangene was geweest en typte de naam Rugebregt in, waarop ik de interneringskaart van mijn overgrootvader vond. Voor de interneringskaart van opa moest ik een verzoek indienen.

Het krijgsgevangenschap van opa en zijn leven voor die tijd is nogal een mysterie voor mij. Ik heb er hier en daar enkele flarden van meegekregen, maar met de ontdekking van de interneringskaarten werd mijn nieuwsgierigheid pas echt aangewakkerd. Zou er meer te vinden zijn? Ik besloot in de ‘archieven’ te duiken van oma en vond daarin o.a. een erkenningsake; de ouders van opa waren dus nooit getrouwd geweest.

Heel veel meer vond ik niet, maar nu wil ik niets liever weten dan wie opa was en wie zijn ouders waren. De ‘slechte man’ en de vrouw die – naar verluid – is overleden aan een gebroken hart toen opa nog maar een kind was. Wie waren deze mensen wiens bloed mijn bloed is? Hoe zagen hun levens eruit in het Indië dat niet meer bestaat? En wie ben ik eigenlijk in het perspectief van hun geschiedenissen?

Wordt vervolgd

Door: Liselore Rugebregt

G.A.F. Rugebregt en F.B. Rugebregt-Tampie © Fam. Rugebregt

 De grootouders van Liselore: G.A.F. Rugebregt en F.B. Rugebregt-Tampie, Indonesië, 1954

> KLIK OP DE TITEL VAN DIT ARTIKEL OM EEN REACTIE ACHTER TE LATEN <

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén